VERDRONKEN LAND VAN SAEFTINGHE PDF Afdrukken E-mail
Het Verdronken Land van Saeftinghe is een uitgestrekt schorgebied in de Westerschelde. Het ligt hemelsbreed zo'n 50 kilometer van de monding. De Westerschelde is een menggebied van zeewater en rivierwater. Het water dat met vloed de schorgeulen binnenstroomt is dus brak. Met zijn 3200 hectare is “Het Verdronken Land van Saeftinghe” één van de belangrijkste en grootste schorgebieden van Nederland. Saeftinghe is bijzonder door zijn uitgestrektheid en zijn natuur, maar ook omdat het een beeld geeft van het Zeeuwse oerland: een land van slikken, platen, en schorren doorsneden met geulen. Zo kun je hier nog dagelijks zien hoe het hele deltalandschap gevormd is.
09.00 uur
Een aantal mensen van de wandel en klimgroep had zich ingeschreven om onder leiding van een gids het gebied te gaan verkennen. Met 11 personen sluiten we ons bij een groep uit Gent aan. Een gids is een noodzaak, zonder gids zou je hier kunnen verdwalen waardoor je niet op tijd terug zou kunnen zijn als het water opkomt, met alle gevolgen van dien.
Als snel na de start van de wandeling worden we geconfronteerd met het slik in de geulen. Als we de eerste geul oversteken zijn er al verschillende die een uitglijder maken. Natuurlijk wordt er om gelachen maar al snel komen ook zij aan bod. Niemand die schoon door het terrein wandelt.
Regelmatig stopt de gids om uitleg te geven over het ontstaan van dit natuurgebied en de flora en fauna. De eenzame boom die als baken in het gebied staat heeft een bijzonder verhaal. De boom herinnert aan een schaapherder die ooit hier zijn hond heeft begraven. Het graf had hij met wilgentakken omheind waarvan er een wortel heeft geschoten. Doordat dit één van de weinige plekjes is die bij vloed niet onder water komen te staan heeft de boom een kans van leven.
In het voorjaar broeden in dit gebied duizenden kustvogels, zoals zilvermeeuwen en kokmeeuwen, visdiefjes en scholeksters. De verderop gelegen rietvelden zijn belangrijke broedgebieden voor Rode Lijst soorten als baardmannetje, blauwborst, rietzanger en bruine kiekendief.
We zien vandaag niet veel vogels alleen de bruine kiekendief laat zich regelmatig zien. De vogel heeft een spanwijdte van 115 tot 140 cm en weet de wind goed te gebruiken om zich langzaam over het gebied te laten zweven. later zien we een spoor van de vos.
Voor iedereen eindelijk doorheeft waar je op moet letten bij het oversteken van de kreken zijn we al op de terugweg. Plots staat de gids op een steen. Nee toch niet, het blijkt een blok turf te zijn. Na uitleg hoe de turf hier ooit gekomen is zetten we koers richting de dijk.
Zo eindigen we onze wandeling om 12.45 uur in dit toch wel uitzonderlijke natuurgebied bij het startpunt.
Nadat we de laarzen hebben schoongespoeld en ons van de besmeurde kleding hebben ontdaan drinken we nog een pint in het nabij gelegen café met de naam, hoe kan het ook anders,
“Het verdronken land”.
12 oktober 2011 Cor Claassens

Het Verdronken Land van Saeftinghe is een uitgestrekt schorgebied in de Westerschelde. Het ligt hemelsbreed zo'n 50 kilometer van de monding. De Westerschelde is een menggebied van zeewater en rivierwater. Het water dat met vloed de schorgeulen binnenstroomt is dus brak. Met zijn 3200 hectare is “Het Verdronken Land van Saeftinghe” één van de belangrijkste en grootste schorgebieden van Nederland. Saeftinghe is bijzonder door zijn uitgestrektheid en zijn natuur, maar ook omdat het een beeld geeft van het Zeeuwse oerland: een land van slikken, platen, en schorren doorsneden met geulen. Zo kun je hier nog dagelijks zien hoe het hele deltalandschap gevormd is. 


09.00 uur Een aantal mensen van de wandel en klimgroep had zich ingeschreven om onder leiding van een gids het gebied te gaan verkennen. Met 11 personen sluiten we ons bij een groep uit Gent aan. Een gids is een noodzaak, zonder gids zou je hier kunnen verdwalen waardoor je niet op tijd terug zou kunnen zijn als het water opkomt, met alle gevolgen van dien.Als snel na de start van de wandeling worden we geconfronteerd met het slik in de geulen. Als we de eerste geul oversteken zijn er al verschillende die een uitglijder maken. Natuurlijk wordt er om gelachen maar al snel komen ook zij aan bod. Niemand die schoon door het terrein wandelt.

 

 Door_de_geul_small  De_gids_op_een_turfblok_small
Regelmatig stopt de gids om uitleg te geven over het ontstaan van dit natuurgebied en de flora en fauna. De eenzame boom die als baken in het gebied staat heeft een bijzonder verhaal. De boom herinnert aan een schaapherder die ooit hier zijn hond heeft begraven. Het graf had hij met wilgentakken omheind waarvan er een wortel heeft geschoten. Doordat dit één van de weinige plekjes is die bij vloed niet onder water komen te staan heeft de boom een kans van leven. In het voorjaar broeden in dit gebied duizenden kustvogels, zoals zilvermeeuwen en kokmeeuwen, visdiefjes en scholeksters. De verderop gelegen rietvelden zijn belangrijke broedgebieden voor Rode Lijst soorten als baardmannetje, blauwborst, rietzanger en bruine kiekendief.We zien vandaag niet veel vogels alleen de bruine kiekendief laat zich regelmatig zien. De vogel heeft een spanwijdte van 115 tot 140 cm en weet de wind goed te gebruiken om zich langzaam over het gebied te laten zweven. later zien we een spoor van de vos. Voor iedereen eindelijk doorheeft waar je op moet letten bij het oversteken van de kreken zijn we al op de terugweg. Plots staat de gids op een steen. Nee toch niet, het blijkt een blok turf te zijn. Na uitleg hoe de turf hier ooit gekomen is zetten we koers richting de dijk.Zo eindigen we onze wandeling om 12.45 uur in dit toch wel uitzonderlijke natuurgebied bij het startpunt.Nadat we de laarzen hebben schoongespoeld en ons van de besmeurde kleding hebben ontdaan drinken we nog een pint in het nabij gelegen café met de naam, hoe kan het ook anders, “Het verdronken land”. 

 

Bruine_kiekendief

12 oktober 2011 Cor Claassens

terug_uit_het_verdronken_land_small

Een_klimmer_in_het_slik_small